Je bent niet je emoties

Je bent je gedachten en emoties niet – maar je zit jezelf er soms wel mee in de weg!

Een belangrijk deel van de reis gaat over het kunnen omgaan met je dagelijkse gevoelens, emoties en gedachten. Je wilt geen speelbal zijn van de dagelijkse dingen, of van je brein die maar blijft denken en denken en commentaar blijft geven op alles wat er is gebeurd, je nu doet of mogelijk gaat gebeuren. Je wilt de stilte in de storm zijn. Natuurlijk, zonder gevoelens weg te stoppen of de dingen niet goed te verwerken. Maar voor je het weet zit je in een eindeloze cirkel van analyseren hoe je op de juiste manier met je gevoelens om gaat en of je wel ‘mindful’ genoeg bent (‘mindfulstress‘).

Dus: hoe erken je je emoties, gevoelens, gedachten zorgen of stress, zonder je erdoor te laten leiden?

 

Wat mij helpt is wat ik leerde door de app Buddhify. Eén van de oefeningen heet RAIN, een afkorting die staat voor het volgende.

Recognition

De eerste stap is herkennen en erkennen van het gevoel of de gedachte die je bezig houdt. Vergis je niet, dit is niet iets dat je automatisch al doet. Meestal ga je eraan voorbij en pieker je maar door of stress je maar door, zonder echt te zien wat er met je aan de hand is. Je hebt een gevoel van ongenoegen, maar is het frustratie? Boosheid? Verdriet? Angst? Zorgen? Jaloezie? Onzekerheid? Als je echt 100% eerlijk tegen jezelf bent? Geef vooral toe aan jezelf wat het echte gevoel is. En hoort daar een lichamelijk gevoel bij? Zoals pijn of hitte op een bepaalde plek, schouders die vastzitten, een knoop in je buik? Als je dat kan herkennen en erkennen, dan ben je al een heel eind.

Acceptation

De tweede stap is accepteren dat je je zo voelt. Ik zeg niet dat je je moet neerleggen bij de situatie die het gevoel heeft veroorzaakt of dat je moet doen alsof je opgeeft. Het gaat puur om wat je hebt herkend en erkend bij ‘recognition’. Accepteer voor het moment even dat je je zo voelt – het is nu eenmaal zo. Verzet je even niet tegen je eigen gevoel. Je bent misschien gewend om direct tegen jezelf te zeggen dat je het niet mag voelen. Je mag niet boos zijn, gefrustreerd zijn, verdrietig zijn, piekeren – en dat voegt nou juist een tweede laag van frustratie toe. Je bent niet alleen boos, maar ook nog eens gefrustreerd met jezelf omdat je boos bent! Accepteren hoe je je voelt geeft op zich al een gevoel van verzuchting. En misschien kun je dat ook doen: even diep uitblazen. Okee, je voelt je zo. Je bent even verdrietig. Dat mag. En dan?

Investigate

De derde stap is het gevoel onderzoeken. Wat heeft het veroorzaakt? Is het wat je partner of een collega tegen je zei? En is dat het écht of was het eigenlijk een trigger voor iets heel anders? Voel je je vaker zo om dezelfde reden? Of wellicht zijn het meerdere kleine dingen. Onderzoeken wat je gevoel of het piekeren veroorzaakt (binnen of buiten jezelf) kan helpen te begrijpen waarom het zo is (en misschien jezelf geruststellen omdat het terecht is dat je je even zo voelt, of misschien je laten inzien dat het gevoel eigenlijk niet nodig is). Ga niet opnieuw piekeren, maar kijk of je de reden van je gevoel wel echt kunt achterhalen. Want ook daar zijn we ons niet altijd bewust van. We geven ‘gewoon de hele dag’ de schuld, terwijl er misschien ook allemaal leuke dingen gebeurd zijn. Wat maakte nu in negatieve zin het verschil? Later kun je dat herkennen vóórdat ook direct dat vervelende gevoel erbij komt.

Non-identifying

De vierde, laatste stap is even belangrijk als de voorgaande stappen. Je bent niet je gevoel, je emotie of je gedachten, je hébt ze. Dat is vaak niet hoe we er mee om gaan: je hebt niet alleen een boos gevoel maar je denkt dat je zelf 100% uit boosheid of verdriet bestaat op dat moment. Neem er afstand van. Wat helpt is om het een naam te geven. Daar heb je die macho weer. Of dat bange jongetje. Dat zachtaardige meisje. De overbezorgde vrouw. De mopperaar. De vechtersbaas. De wereldverbeteraar. De oude man. De stresskip. Wat het ook is: geef het een naam, liefst een naam met een knipoog, een naam die maakt dat je ook een beetje om jezelf kunt lachen. Die vechtersbaas of het zielige meisje in je mag er best zijn, maar nu ga je het even gedag zeggen. Zonder rancune of haat – al die persoontjes hebben hun nut. Maar hun nut is bij deze vierde stap klaar: bedank ze voor hun komt, maar ze kunnen gaan, tot de volgende keer! En zo’n volgende keer kun je het eerder erkennen: oh daar heb je de wereldverbeteraar in mij weer. Misschien moet ik dit gesprek even wat rustiger aan gaan. Of: haha, het bange jongetje trekt weer aan mijn jas. Even niet: diep ademen en je gedrag kiezen, in plaats van meteen 100% dat persoontje worden. Neem er afscheid van, want je bent je gevoel niet. Wat er overblijft is jij: je authentieke zelf. En die kan veel beter en met veel meer flexibiliteit en spontaniteit met situaties omgaan dan jij nu denkt.

Ik vind dit zelf een enorm krachtige oefening. En misschien lukt het niet altijd, maar vergeet niet dat een worsteling helemaal niet erg is. Probeer je frustraties of andere gevoelens op die manier eens een tijdje in de gaten te houden, en te zien of er terugkerende thema’s zijn, of wanneer je er achteraf op terugkijkt, of het nu allemaal wel zo erg was. Maar bovenal, ga niet de diep de theorie in waardoor je er nooit meer tegenaan gaat lopen. Dat gaat niet werken. Wat gaat werken is dat je jezelf bovenstaande RAIN vaardigheid aanleert, zodat wanneer het gebeurt, je er effectief mee om kunt gaan.

Succes!